De Krachtcentrale | Rust

Hoe kom jij tot rust? Wat verstaan we tegenwoordig eigenlijk onder rust - als mensen die leven in een samenleving waar informatie je om de oren slaat en we omringd worden door technologie waarmee we continu in contact kunnen staan met elkaar? Ik schrijf deze blog over rust, omdat ik denk dat het belang van rust totaal wordt onderschat. 

Een avondje 'Netflixen' op de bank terwijl je simultaan via de app de dag doorneemt met je beste vriendin, dat is ontspanning maar volgens mij is het geen rust. Een wandeling maken door de natuur terwijl de stem in je hoofd het lijstje met wat je nog allemaal moet doen opleest, dat is eigenlijk ook geen rust. Tot rust komen gaat dus niet vanzelf. 

Echt tot rust komen, dat is eigenlijk best hard werken. Ik moet er bewust voor kiezen om de rest van de wereld even te laten voor wat hij is en om allerlei impulsen te negeren. Telefoon uitzetten, niet nog even de was in de machine doen of een mailtje afmaken. En echt stil blijven zitten of liggen. Door op mijn adem te concentreren zorg ik er dan voor dat mijn tempo langzaam maar zeker steeds meer vertraagt. 

Als mijn lichaam even niks hoeft en m'n hoofd de tijd krijgt om alle informatie die er op me afgekomen is te verwerken, dan voel ik eerst ook weerstand. Want tot stilstand komen is ook alleen zijn met mijzelf. Het voelt als het aangaan van een confrontatie met mijzelf en alles waar ik (nog) niet bij stil heb gestaan. Daar heb ik niet altijd zin in. Tot rust komen gaat dus ook over het weerstaan van alle afleidingsmanoeuvres van mijn denken. Dat denken probeert me uit alle macht te vertellen dat er NU gegeten, gesnoept of gedronken moet worden, om me af te leiden van dat 'alleen zijn gedoe’. Gelukkig herken ik die tactiek tegenwoordig en weet ik dat ik dan precies op schema lig. Ik laat de onrust in mijn lijf haar ding doen, wacht af en blijf glimlachend liggen tot mijn denken het opgeeft. Pas in de fase daarna, als het me lukt om de gedachten voorbij te laten komen maar er geen aandacht en energie aan te besteden, dan pas kom ik tot rust. 

Iemand met autisme heeft waarschijnlijk nog veel vaker tijd nodig om tot rust te komen. Als je geen filter hebt, komen prikkels en informatie in grote hoeveelheden binnen en dat vreet energie. Het deelnemen aan de samenleving kan dan ook voelen als een grote opgave. Het alleen zijn in een vertrouwde omgeving helpt bij het verwerken van de prikkels, emoties en gedachten die in een lichaam teweeggebracht worden. Tijdig rust nemen is niet vanzelfsprekend, vanwege onderprikkeling registreert het lichaam de alarmbellen nauwelijks. Toen je ogen het licht op je werkplek niet meer konden verdragen of toen het geluid van de voorbij denderende vrachtwagen pijn deed aan je oren, had je onvoldoende door dat dit signalen zijn die je vertellen dat je overprikkelt raakt. Dat goed voor jezelf te zorgen betekent dat je uit die situatie moet stappen. Pas als het allemaal teveel geworden is, pas wanneer je lichaam absoluut geen informatie meer kan verwerken en je helemaal ‘vastgelopen’ bent, neem je rust. Als je zo uitgeput bent geraakt, duurt het een hele poos tot je weer ruimte hebt voor zoiets belangrijks als boodschappen doen. Sociaal contact is op zulke momenten gewoonweg teveel gevraagd. Rust, dat is voor ieder van ons essentieel. Voor mensen met autisme kan het leren herkennen van signalen van overprikkeling en het inbouwen van rust in de dagelijkse structuur het verschil maken tussen leven of overleven. 

-Sandra Lange-